Eigen stekje

De plant is onze grootste vriend. We zijn ons, meer dan ooit en veel te laat, ernstig bewust van het verdwijnen van onze natuur. Ons vastklampend aan het laatste stukje groen omringen we ons met zoveel mogelijk plant. Om een goede kop koffie te kunnen bemachtigen dien je je eerst een weg te banen door een gordijn van hangplanten. Social media kleurt massaal groen. Duurzaam als we zijn ruilen we, zoals onze ouders dat ook deden in de jaren 70, stekjes met onze buren. Is de plant terug van weggeweest? 

Al sinds ontdekkingsreizigers in de 17e eeuw ons exotische planten en bloembollen brengen, is de plant niet meer enkel in tuinen maar ook binnenshuis te vinden. Na de Tweede Wereldoorlog neemt de teelt van potplanten enorm toe. Vanaf dat moment is in de Nederlands huiskamer de kamerplant niet meer weg te denken. Vanaf de jaren 60 zijn nieuwe, specifieke plantensoorten zelfs in de mode. Zo deed o.a. de, óók nu zo populaire, sanseveria (vrouwentong) het erg goed.

De Reumalant of Plectranthus fruticosus is een soort uit de lipbloemenfamilie (Lamiaceae). Een aantal soorten in deze familie bevat aromatische oliën in de bladeren. De familie omvat veelgebruikte keukenkruiden als tijm, munt, basilicum, echte marjolein, wilde marjolein, salie en rozemarijn. Sommige soorten zijn struiken; De reumaplant valt onder de laatstgenoemde.

Deze knappert staat te stralen in de serre van mijn buurvrouw. In haar oranjerie, waarover ik eerder al eens schreef, kweekt zij er meerdere stekjes van. Volledig trendgetrouw ontving ik van haar zo’n stekje. Sinds dien houdt ook in mijn huis de heerlijk geurende reumaplant pijnklachten buiten de deur.

Orangerie

Ieder huis vertelt iets over zijn bewoners. In hoekjes, zitjes en kasten bewaren we, bewust of onbewust, onze gewoonten en herinneringen.
Eens in de zoveel tijd mag ik bij iemand binnen kijken om zo’n plekje vast te leggen.

Toen mijn buurvrouw trouwde met de liefde van haar leven kochten ze samen hun huis. Nu hij er, tot haar allergrootste verdriet, niet meer is lijkt het huis nóg groter. Ondanks deze leegte brengt het huis haar het meest vertrouwde gevoel dat ze kent. Haar plezier vindt ze in het ronddwalen door de indrukwekkend grote, wilde tuin.

Deze plek in haar huis noemt zij haar ‘orangerie-tje’. De bijzondere ruimte bevindt zich in het souterrain van de stadsvilla en is, naast de centrale trap, ook via de laagste veranda (ja, er zijn er meerdere) in de tuin te bereiken. Door de ligging hoor je niets van de geluiden uit de stad.

Omdat de tuin gevuld is met oude, grote bomen valt er een groen licht door de grote ramen naar binnen. Begrijpelijk dus ,dat zij zich hier graag terug trekt om even met niets anders bezig te zijn dan haar zo geliefde planten.

Cactussen

Het kan geen kwaad om zo nu en dan eens wat langer naar iets te kijken.
Je ziet nieuwe dingen of vraagt je van alles af. Door te tekenen probeer ik wat meer te leren van de dingen om me heen.

Cactussen zijn hip, ze komen steeds vaker voorbij in mooie plaatjes op social media e.d.
Wat maakt het plantje zo populair? Mijn eerste associatie is niet persé prettig; Droog en prikkelig..

Het tekenen van deze visueel aantrekkelijke monstertjes vraagt om een bekentenis; ook ík val voor de cactus.