Mama’s auto

Een autokenner ben ik niet. Wanneer ik, tijdens een wandeling door de stad,  door mijn vriend gewaarschuwd wordt met een (blijkbaar overduidelijk alarmerend) „Lambo, Lambo!” mis ik alle seinen en kijk ik nét de andere kant op omdat ik een geanimeerd gesprek voer met de hond.

Dat de kennis over pk’s, cilinders, geluid en prijs in mijn geval in alle mate ontbreekt staat als een paal boven water. De belangstelling daarentegen is er wel degelijk. 

De auto is een cultuurverschijnsel en staat symbool voor meerdere fundamentele waarden. Het zegt iets over ons als persoon; Men heeft herinneringen aan bepaalde merken of modellen en koppelt ze aan een levensstijl. In verhalen en tradities maar ook in muziek en games speelt de auto herhaaldelijk een aanzienlijke rol. Vorm en functie komen ultiem samen, zijn onderhevig aan elkaar en maken grote veranderingen door in de tijd.

Wat is bepalend voor deze veranderingen? Wat leer ik over iemand, een plek of een periode via een specifiek merk of type auto?

 

Lang niet altijd, maar wel steeds vaker, merk ik waarom ik bepaalde voorkeuren heb of keuzes maak. Niet verassend: Mijn (overigens bijzonder fijne) jeugd en opvoeding zijn van grote invloed. Gewenst of ongewenst, bewust of onbewust: ik neem steeds vaker een voorbeeld aan mijn ouders.

Zo is er één foto van mijn moeder waarop zij poseert bij haar groene Renault R4. Niets in het beeld beweert iets anders; De foto is gemaakt in de jaren 80. Het was haar eerste eigen auto, geheel passend bij de tijd, gekocht van haar eigen salaris.

Als de gemiddelde snelheid op de autobaan van toen nog steeds aan de orde zou zijn, was de keuze voor mij héél gemakkelijk: Dan kocht ik morgen nog, geheel gewenst én bewust tredend in de feministische voetsporen van mijn moeder, een groene Renault R4.